Geschiedenis

Tot eind 1911 was Mongolië een Chinese regio. Toen de Mongolen zich autonoom verklaarden, ging China daar in eerste instantie niet mee akkoord. Pas toen Mongolië onder Russische bescherming kwam te staan, erkende China het nieuwe land. In de jaren ’20 viel Mongolië korte tijd in handen van baron Roman von Ungern-Sternberg, maar met behulp van het Russische Rode Leger werd er al snel een einde aan deze bezetting gemaakt. In 1924 werd de Volksrepubliek Mongolië uitgeroepen en de naam van de Mongoolse Volspartij (de enige politieke partij) veranderde in de Mongoolse Revolutionaire Volkspartij (kortweg MPRP). Het land werd een communistische staat, waarin het de oorspronkelijke bewoners lastig werd gemaakt hun geloof te belijden. Ook intellectuelen werden hardhandig onderdrukt. Vanaf de jaren ’70 verloor het communisme terrein en kreeg de oorspronkelijke cultuur langzaam weer wat meer ruimte. In 1990 voerde Mongolië officieel een meerpartijenstelsel in, waarna het land zich ontwikkelde tot een vrij stabiele democratie.