Geschiedenis

Rond  10.000 voor Christus was Engeland nog met Frankrijk verbonden op de plaats waar je nu Het Kanaal vindt. Dat maakte het gemakkelijk om naar het land te emigreren en dat gebeurde dan ook op grote schaal. Maar ook nadat de landbrug met het vasteland van Europa was weggespoeld, bleef Engeland aantrekkelijk voor buitenstaanders. Onder meer de Romeinen, Kelten en Jutten veroverden het land, of delen daarvan. In de 16de eeuw groeide Engeland zelf uit tot een wereldmacht onder leiding van Koningin Elizabeth I. In deze periode begon Engeland met het koloniseren van andere landen. Dit proces kwam tot een hoogtepunt in de vroege 20e eeuw toen Engeland maar liefst 1/5e van het hele aardoppervlak in bezit had. Inmiddels zijn de meeste koloniën aan de betreffende volken terug gegeven.

Sinds 1707 maakt Engeland samen met Schotland en Wales (dat al tot Engeland behoorde) deel uit van het Verenigd Koninkrijk. Later trad ook Ierland toe, maar in 1921 scheidde de Ieren zich weer af. Strikt gesproken is Engeland sinds die tijd dus geen onafhankelijk land meer. In de 20ste eeuw kwam Engeland door de oprukkende industrialisatie, twee Wereldoorlogen en een getroebleerde relatie met Ierland in een moeizame periode terecht.